De vogels gaan al vroeg in het seizoen op onderzoek uit om te kijken naar een geschikte nestplaats. Het is daarom belangrijk om rond september, oktober de nestkastjes in de tuin gereed te maken voor de winter en het komende voorjaar.

Zodra aan het einde van de zomer of begin van het  najaar de laatste jongen uit de nestkastjes zijn gevlogen, kunt u de nestkastjes klaar maken voor een volgende vogelfamilie.

Controleren en schoonmaken

Inspecteer de bestaande kastjes grondig: hangen ze nog stevig? Is het hout niet verrot? Is het dakje nog waterdicht? Verwijder ook eventueel nestmateriaal van vorig jaar, want daar hebben de vogels een hekel aan en bovendien kan er ongedierte in de kastjes zitten. Schrob de kastjes schoon met heet water voordat u ze weer ophangt.

De beste plek voor nestkastjes

Heeft u nog geen nestkastjes in de tuin, dan is het nu een goede tijd er een of meer aan te schaffen. Hang ze zo’n twee tot drie meter hoog op een rustige plek en kies locaties waar katten niet kunnen komen. Hang ze ook niet te dicht bij het terras waar u zelf vaak zit. Zorg voor een vrije aanvliegroute zodat de vogels makkelijk in en uit kunnen vliegen.

Plaats de nestopeningen naar het noordoosten en zoek een plekje in de halfschaduw. Hang nestkastjes voor dezelfde soort vogel minstens tien meter uit elkaar, voor verschillende soorten ongeveer drie meter van elkaar. Mussen en zwaluwen wonen wel weer graag bij elkaar in de buurt, deze nestkastjes kunt u vlak bij elkaar ophangen.

Vogels gebruiken nestkastjes overigens ook graag om in te rusten en te schuilen bij slecht weer. 

Lees hier meer over vogels lokken naar de tuin. Of maak eens zelf een insectenhotel