Zoals bij al het tuinwerk moet u ook bij snoeien prima snoeigereedschap kiezen. Een schaar van het beste merk gaat een leven lang mee, de mesjes zijn zelfs verwisselbaar. Knip er nooit al te dikke takken mee. Dat kunt u beter doen met een takkenschaar of – goedkoper – met een snoeizaagje. Heel handig is een opklapbaar handzaagje, het blad is zeer scherp en u zaagt er gemakkelijk dikke takken mee door.

Waar snoeien?

Snoeien is vaak fatsoeneren. Planten groeien niet vanzelf mooi, in veel gevallen moet u ze een beetje helpen. Dat betekent als regel scheef staande takken wegnemen, elkaar kruisende takken weghalen, zorgen dat de takken mooi over de struik verdeeld staan, dat de struik niet al te dicht groeit, oud of dood hout wegnemen, enz.

Als u goed kijkt ziet u op de takken kleine knopjes zitten, die in de lente nieuwe scheutjes zullen voortbrengen. Snoeit u 1-3 cm boven zo’n knopje, dan zal dit oog uitlopen in de richting waar het heen wijst. Zo kunt u de toekomstige vorm van de struik voorspellen. Snoeit u per ongeluk te diep, dan zal er altijd lager aan de tak nog wel een klein oogje zitten (slapend oog genoemd) dat zo vriendelijk is om uw fout te corrigeren.

Lees hier meer over algemene snoeiregels, of ga direct naar al onze snoeitips per plant

Takkraag

Voor een tak die dicht bij de stam afgezaagd moet worden is het belangrijk om naar de ‘takkraag’ te kijken. Vaak is er duidelijk een rand te zien tussen de stam en de tak, dit wordt de takkraag genoemd. Deze kraag moet blijven zitten, hierdoor zal de snoeiwond beter dichtgroeien. Zaag altijd net een stukje voorbij de takkraag en maak een gladde wond met scherp snoeigereedschap. Ook weer niet te ver van de stam, want dan krijg je een lelijke ‘kapstok’. Om de voorkomen dat de bast langs de stam afscheurt wordt de tak eerst aan de onderzijde een stukje ingezaagd.

Geschreven door Modeste Herwig, exclusief voor Directplant.