Welke bodembedekkers zijn licht beloopbaar? Bodembedekkers die gras of een gazon kunnen vervangen, zodat er intensief op gelopen of gespeeld kan worden, bestaan eigenlijk niet. Maar sommige planten herstellen snel als je er zo en dan overheen loopt. Een overzicht.
Welke beloopbare bodembedekkers zijn er? Snel antwoord:
Koperknoopje en loopkamille zijn het meest geschikt om rustig op te lopen. Kruiptijm, vetmuur, breukkruid en muurpeper zijn licht beloopbaar. Deze soorten passen goed tussen stapstenen en op plekken waar af en toe een voetstap komt. Geen bloeiende bodembedekker is bestand tegen intensief spelen, rennen of steeds dezelfde zware belasting. Op een vaste looproute blijven stapstenen daarom de veiligste oplossing.
Een groen tuinpad hoeft niet volledig uit tegels of gazon te bestaan. Lage planten kunnen de voegen tussen stenen vullen of een zacht groen tapijt vormen. Sommige soorten geven tijdens het lopen ook een heerlijke geur af. Andere bloeien rijk en trekken bijen en andere insecten aan.
De juiste keuze hangt vooral af van de hoeveelheid betreding. Ook zonlicht, grondsoort en vocht spelen een grote rol. Kruiptijm verlangt bijvoorbeeld zon en zeer goed doorlatende grond. Koperknoopje groeit beter op een koelere, licht vochtige bodem.
Wat betekent beloopbaar bij een bodembedekker?
Een beloopbare bodembedekker kan herstellen na druk van schoenen of blote voeten. Dat betekent niet dat de plant onbeperkt sterk is. Het zijn laag blijvende planten, die goed groeien.
Regelmatig beloopbaar: geschikt voor dagelijks rustig lopen. Rennen, voetballen en zwaar tuinmeubilair blijven ongeschikt.
Licht beloopbaar: geschikt voor een enkele voetstap, een blotevoetenpad of beplanting tussen stapstenen. De stenen dragen het grootste deel van het gewicht.
Welke bodembedekker kan het beste tegen lopen?
Bodembedekkers die regelmatig beloopbaar zijn
Koperknoopje – Leptinella squalida
Koperknoopje vormt een dicht tapijt van fijn, varenachtig blad. De plant blijft ongeveer 5 cm hoog. Het bruingroene blad geeft veel structuur. In de zomer verschijnen kleine geelbruine bloemhoofdjes. De plant vormt in korte tijd een gesloten mat. Tijdens de eerste groeiperiode blijft grondig wieden belangrijk. Langs de randen kan afsteken nodig zijn. Bij zware dagelijkse belasting blijven stapstenen verstandig.
Hoogte: circa 5 cm
Beloopbaarheid: redelijk goed; geschikt om rustig over te lopen zodra de mat gesloten is
Standplaats: zon tot halfschaduw
Grond: licht vochtige, goed doorlatende grond
Groeikracht: sterk en zodevormend; kan zich snel uitbreiden
Water: de grond niet volledig laten uitdrogen
Snoeien: normaal niet nodig; een te weelderige mat kan een keer worden gemaaid
Bemesting: weinig bemesten; matig voedselrijke grond is voldoende
Loopkamille – Chamaemelum nobile ‘Treneague’
Loopkamille vormt een zacht en sterk geurend tapijt. De cultivar ‘Treneague’ bloeit niet. De sierwaarde zit vooral in het fijne groene blad en de frisse geur die bij aanraking vrijkomt. Loopkamille kan als grasvervanger worden gebruikt, zolang het niet intensief gebruikt wordt. Stagnerend water is schadelijk; vooral een natte winter kan uitval veroorzaken.
Hoogte: circa 5–10 cm
Beloopbaarheid: redelijk goed; geschikt voor rustig gebruik
Standplaats: zon, eventueel lichte halfschaduw
Grond: voedzame maar goed doorlatende grond
Groeikracht: gemiddeld; een dicht tapijt ontstaat niet direct
Water: tijdens warme, droge perioden voldoende water geven
Snoeien: in het voorjaar terugsnoeien tot ongeveer 5 cm
Bemesting: in het voorjaar een dunne laag compost of lichte organische voeding
Bodembedekkers die licht beloopbaar zijn
Kruiptijm – Thymus praecox en Thymus serpyllum
Kruiptijm is een van de mooiste licht beloopbare planten voor een zonnig pad. Het lage blad geurt bij aanraking. Roze, paarse of witte bloemen trekken in de zomer veel bijen en andere insecten aan. Een natte of voedselrijke bodem maakt kruiptijm slap en kwetsbaar. De plant is daarom minder geschikt voor zware klei zonder extra drainage. Geschikte soorten zijn onder andere Thymus praecox ‘Coccineus’ en Thymus praecox ‘Albiflorus’.
Hoogte: circa 5–10 cm
Beloopbaarheid: licht tot matig; het beste tussen stapstenen
Standplaats: volle zon
Grond: arme, kalkhoudende of zandige grond met een zeer goede drainage
Groeikracht: langzaam in de eerste jaren
Water: na het aanslaan alleen bij langdurige droogte
Snoeien: na de bloei licht terugknippen voor een compacte mat
Bemesting: niet of nauwelijks bemesten
Blauwe grondkruiper – Isotoma fluviatilis
Blauwe grondkruiper vormt een zeer laag tapijt van kleine groene blaadjes. Van juni tot en met augustus verschijnen lichtblauwe, stervormige bloemen. De bloemen geven een bestrating of rotstuin een frisse uitstraling. De plant groeit het beste op een koele, humusrijke bodem die vochtig blijft, maar wel goed doorlatend is.
Hoogte: circa 5 cm
Beloopbaarheid: licht; verdraagt enige betreding en is vooral geschikt tussen stapstenen
Standplaats: zon tot halfschaduw; ook mogelijk in lichte schaduw met minimaal enkele uren zon
Grond: normale, humusrijke en goed doorlatende tuingrond die niet uitdroogt
Groeikracht: sterk en zodevormend; breidt zich met kruipende stengels geleidelijk uit
Water: regelmatig water geven tijdens droge perioden; de grond bij voorkeur licht vochtig houden
Snoeien: niet nodig; alleen lelijk of afgestorven blad verwijderen
Bemesting: nauwelijks nodig; op arme grond kan in het voorjaar een kleine hoeveelheid compost worden gegeven
Vetmuur – Sagina subulata
Vetmuur lijkt op mos, maar is een vaste plant. Het frisse groene tapijt krijgt van mei tot augustus kleine witte bloemen. De plant past mooi in een Japanse tuin, rotstuin of tussen brede voegen. Gebruik op een vaste route stapstenen waartussen u vetmuur plant.
Hoogte: circa 5 cm
Beloopbaarheid: licht; alleen incidenteel betreden
Standplaats: zon tot halfschaduw
Grond: arme, licht vochtige en goed doorlatende grond
Groeikracht: gemiddeld, kussenvormend
Water: water geven zodra de grond langdurig droog wordt
Snoeien: niet nodig; regelmatig delen houdt de mat vitaal
Bemesting: weinig; te rijke voeding geeft slappe groei
Breukkruid – Herniaria glabra
Breukkruid vormt een dicht tapijt van zeer kleine blaadjes. Het blad blijft vaak groen en kan in de winter brons verkleuren. De kleine geelgroene bloemen vallen nauwelijks op.
Hoogte: circa 5–10 cm
Beloopbaarheid: licht tot matig; geschikt voor rustige paden
Standplaats: zon tot halfschaduw
Grond: normale tot arme, goed doorlatende grond
Groeikracht: sterk en snel bodembedekkend
Water: tijdens het aanslaan regelmatig; later redelijk droogtebestendig
Snoeien: normaal niet nodig; bruine delen in het voorjaar verwijderen
Bemesting: weinig of geen extra voeding
Muurpeper – Sedum acre
Muurpeper is een sterke vetplant voor droge, zonnige plekken. De plant vormt een laag tapijt en bloeit in juni en juli met heldergele sterren. De bloemen leveren nectar aan bijen. De vlezige scheuten breken bij herhaaldelijk lopen, muurpeper is daarom vooral geschikt tussen brede voegen, langs stapstenen en op zonnige randen.
Hoogte: circa 5–10 cm
Beloopbaarheid: licht; alleen af en toe betreden
Standplaats: volle zon
Grond: arme, droge, zandige of stenige grond
Groeikracht: sterk en breed uitgroeiend
Water: alleen tijdens het aanslaan en bij extreme droogte
Snoeien: niet nodig; randen eventueel afsteken
Bemesting: niet bemesten
Welke lage bodembedekkers zijn minder geschikt om te belopen?
Niet iedere lage bodembedekker is automatisch beloopbaar. Kleine maagdenpalm, Waldsteinia, Pachysandra, klimop en leliegras bedekken de bodem goed, maar hebben stengels of hoger blad dat onder schoenen beschadigt. Deze planten passen beter naast een pad dan op de looproute.
Ook kruipphlox en kruipend zenegroen worden soms licht beloopbaar genoemd. Tijdens de bloei raken de bloemstelen echter snel gekneusd. Stekelnootje, Acaena microphylla, kan lichte belasting verdragen, maar de stekelige vruchtjes maken de plant minder prettig voor blote voeten en huisdieren.
Waarom en waarmee gras vervangen?
Een gazon is arbeidsintensief, heeft veel water nodig en moet regelmatig bemest worden. Tegenwoordig wordt er steeds meer gekozen voor een mix van gras- en klaverzaad. Dit klavergras is goed belastbaar, heeft minder water en voeding nodig, hoeft minder gemaaid te worden en bloeit. Houdt het wel gescheiden van andere bodembedekkers, aangezien klavergras zich snel uitbreidt.
Klavergras
Klavergras is een mengsel van gazongras en laagblijvende witte klaver of microklaver. Het gras vangt een groot deel van de belasting op. De klaver vult open plekken en blijft ook tijdens droge perioden vaak langer groen.
Hoogte: gemaaid ongeveer 5–10 cm
Beloopbaarheid: goed; geschikt voor regelmatig lopen en normaal gebruik als gazon
Standplaats: zon tot halfschaduw
Grond: normale tuingrond, ook bruikbaar op relatief arme of droge grond
Groeikracht: sterk; klaver verspreidt zich met kruipende stengels
Water: vooral water geven tijdens het kiemen en bij langdurige droogte
Snoeien: maaien als een gewoon gazon; minder maaien geeft meer klaverbloemen
Bemesting: weinig stikstof gebruiken; klaver kan zelf stikstof vastleggen
Hoe leg je een pad aan met beloopbare planten?

Kruiptijm (Thymus serpyllum)
Veel gestelde vragen over beloopbare bodembedekkers
Heb je een andere vraag? Stel 'm hieronder.
Plaats een nieuwe reactie