Dat we planten in de winter tegen vorstschade moeten beschermen is bekend. Maar ook in het voorjaar kan het nodig zijn om planten te beschermen tegen nachtvorst.

Tot half mei kunnen er nachtvorsten voorkomen. Daarom is de periode van IJsheiligen (11 tot en met 14 mei) voor de tuin een belangrijk moment. Na 15 mei is de kans op nachtvorst heel klein.

Jonge scheuten beschermen

Planten die in april al met hun ‘neuzen’ boven de grond komen, kunnen door vorst beschadigd raken. Dat gebeurt bijvoorbeeld wel met de Japanse wasbloem (Kirengeshoma), bloembollen zoals tulpen en sieruien (Allium) en sommige kruiden. Ook jonge scheutjes van de hortensia zijn gevoelig voor de kou. De plant gaat er niet dood van, maar het bruine of zelfs zwarte blad ziet er niet zo fraai uit.

Vorstschade voorkomen

Wil je dit voorkomen, dan kun je bij (nacht)vorst tijdelijk beschermend materiaal over het kwetsbare jonge groen van de planten zetten. Heel mooi is een cloche van glas of riet, maar ook coniferentakken, vliesdoek, een pot, een plantenkist, noppenfolie en zelfs kranten zorgen voor veel bescherming. Let er wel op dat je de bescherming weer op tijd weg haalt, anders krijgen de planten lichtgebrek en wordt het blad geel.

Lees hier meer over het winterklaar maken van de tuin. Of over welke planten winterbescherming nodig hebben.